Fotograferen met bewolkt weer: Waarom je buitenfoto's zo flets worden (en de oplossing)
dinsdag 6 oktober 2026
Kijk eens naar de lucht op een typisch Hollandse, grijze dag. Zo’n egale, witte of grauwe deken waar de zon nergens doorheen komt.
Als fotograaf denk je misschien: Ideaal! Geen harde schaduwen, geen knijpende ogen bij mijn modellen en geen overbelichte plekken. Dit wordt een makkie vandaag. Maar als je thuis achter de computer je foto’s bekijkt, valt het resultaat vaak vies tegen.
De foto’s zijn saai, grauw en vooral… ontzettend plat. Er zit totaal geen leven in. De kleuren spatten er niet vanaf, de huid van je model lijkt eerder grijs en er is geen lichtje in de ogen te bekennen. Je krijgt zo’n typisch pandabeer-effect waarbij de ogen superdonker lijken. En alsof dat nog niet genoeg is, vallen ze ook nog eens compleet weg tegen de achtergrond. Je baalt als een stekker, want je hebt verdorie een camera en een lens van duizenden euro’s gebruikt. Hoe kan dat nou?
De valkuil van de 'grote softbox'
Veel fotografen hebben geleerd dat bewolkt weer perfect is omdat het licht dan 'zacht' is. En dat klopt op zich ook wel. Een bewolkte lucht werkt eigenlijk als één gigantische softbox in een fotostudio.
Maar er is een nadeel waar bijna niemand over praat. Omdat die 'softbox' zo enorm groot is, komt het licht werkelijk van álle kanten. Van voren, van achteren, links, rechts en vooral van boven.
Ga zelf maar eens recht onder een lamp staan en kijk in de spiegel wat dit met je gezicht doet. Ik word daar zelf in elk geval niet zo blij van. Dat noem ik het “Hunkemöller-effect” of nog erger: het "H&M-effect." En ik denk dat ik aan de vrouwelijke fotografen onder ons niet veel meer hoef uit te leggen wat ik hiermee bedoel 😉.
Als licht overal vandaan komt, verdwijnen alle schaduwen. En laat dat nou net het probleem zijn. Daarnaast valt ook elk detail op — ook de details die je liever niet zo duidelijk wilt zien.
Hoe tegenstrijdig het ook klinkt: om sfeer, diepte, karakter en die dromerige look te krijgen, heb je schaduw nodig. Schaduw zorgt voor vorm. Het zorgt ervoor dat een gezicht een mooie, stralende huid krijgt, dat oneffenheden verzacht worden en dat karakteristieke kenmerken worden versterkt. Het zorgt voor contrast en zorgt dat je foto gaat 'leven'.
Zonder schaduw wordt alles zo plat als een dubbeltje. Alsof je met een flitser recht van voren in iemands gezicht hebt geschoten. Of nog erger (zoals bij bewolking): alsof je een flitser met een grote softbox pal bóven iemands hoofd zet. Dat doe je in de studio toch ook niet?
Wat de Oude Meesters ons kunnen leren (Zonder camera’s, Lightroom en Photoshop)
Als je denkt dat je dit probleem alleen kunt oplossen met nóg duurdere lenzen of door met reflectieschermen en flitsers te gaan slepen in het bos, heb je het mis. Want daar heb je waarschijnlijk net zo min zin in als ik. Je wilt gewoon lekker ontspannen fotograferen, toch?
Het geheim zit hem erin dat je leert kijken zoals de oude Hollandse meesters — denk aan schilders zoals Rembrandt en Vermeer. Honderden jaren geleden kregen zij het al voor elkaar om de meest indrukwekkende diepte, sfeer en contrasten te creëren. Ze maakten schilderijen waar je nu nog steeds ingezogen wordt en waar je je ogen niet vanaf kunt houden.
En zoals je zelf ook wel weet: deze heren hadden echt geen geavanceerde camera, dure objectieven, A.I. of Photoshop-filters. Zij hadden alleen verf, een kwast en een waanzinnig goed begrip van licht. Zij snapten de pure logica van het licht.
Als jij die logica eenmaal doorhebt, maakt het niet meer uit of het buiten grijs en grauw is, of dat de zon juist keihard schijnt. Jij bepaalt hoe de foto eruitziet, niet je apparatuur en al helemaal niet het weer.
Wat kun je hier vandaag al aan doen?
Het begint heel simpel door ook op een grijze dag op zoek te gaan naar de richting van het licht. Je moet de elementen om je heen gaan gebruiken om het licht te sturen.
Een praktische tip die je direct kunt toepassen bij je volgende shoot: zoek een natuurlijke blokkade.
Zet je model of de hond eens niet midden op een open veld waar het licht van alle kanten tegelijk komt. Loop naar de bosrand of zoek een plek op de rand van de schaduw onder een grote boom. Of zet iemand naast een grote struik, een muur, of zelfs naast iemand anders. De "blokkade" fotografeer je dan natuurlijk niet mee.
Wat er dan gebeurt is pure logica: de boom, struik of persoon houdt het licht tegen. Hierdoor móét het licht zich wel gaan bundelen en van de ándere kant komen, omdat het niet door de blokkade heen kan. En dan ineens krijgt het licht een duidelijke richting, ontstaan er subtiele schaduwen en krijgt je foto direct die diepte en dromerigheid waar je naar op zoek was.
Dus, moraal van het verhaal: om licht toe te voegen, moet je het weghalen. Alles draait altijd om het licht. En al helemaal bij Fine Art.
Dit is pas het begin. Het verschil tussen een leuke maar vlakke foto en een beeld dat aanvoelt als een dromerig fine art-kunstwerk, zit hem in het écht begrijpen en sturen van natuurlijk licht. En daar kan ik uren over vertellen. Licht is zo bijzonder (mooi).
Wil je deze stijl nu eens écht helemaal onder de knie krijgen?
Niet alleen leren hoe je het licht buiten naar je hand zet, maar ook hoe je die prachtige, zachte en dromerige achtergronden creëert? In mijn complete online cursus Dromerige Fine Art Fotografie neem ik je in 11 uitgebreide modules stap voor stap mee.
Geen taaie, saaie techniek, maar jip-en-janneketaal én heel veel video’s waarin ik je letterlijk mee naar buiten neem en je laat zien hoe je dit fotografeert.
Ook de complete nabewerking in Lightroom en Photoshop zit erin om nog meer karakter en je eigen stijl toe te voegen en te verfijnen. Er zitten ontzettend veel tutorials bij om jouw foto's om te toveren tot échte fine art-kunstwerken. Met alle tips, trucs, e-books en masterclasses is het echt super, super compleet, al zeg ik het zelf ;)
Je gaat leren hoe je foto's maakt waar je écht trots op bent. Je volgt de video's volledig in je eigen tempo en je kunt alles onbeperkt terugkijken.
👉 Bekijk hier alle informatie over de cursus Dromerige Fine Art Fotografie
Wie heeft eigenlijk de regie tijdens jouw fotoshoot?
dinsdag 7 juli 2026
![]() |
| Deze foto herinnert me eraan dat de mooiste verandering niet in mijn camera zit, maar in de keuze om weer zelf de regie te nemen. |
Jaren geleden dacht ik dat ik degene was die een fotoshoot leidde. Ik had tenslotte de camera in mijn handen. Maar in werkelijkheid liet ik me veel te vaak leiden door de wensen van mijn klanten.
Het begon meestal met een onschuldige opmerking.
"We weten wel een mooi plekje..."
En voor ik het wist, stond ik midden op de dag op een neongroen grasveld. In de volle zon, iedereen een wit T-shirt aan en een blauwe spijkerbroek. Terwijl ik diep van binnen eigenlijk al wist dat dit niet de foto's zouden worden waar ik blij van zou zijn.
En toch zei ik geen nee. Terwijl ik dat diep van binnen wel wilde doen.
Ik vond het zo bijzonder dat mensen juist míj hadden gekozen voor hun fotoshoot. Ze betaalden ervoor, dus wie was ik om te zeggen dat we ergens anders heen moesten?
Dus ik maakte voor de zekerheid veel te veel foto's. In de hoop dat er toch iets bruikbaars tussen zou zitten.
Toen begon het echte werk pas
Maar eenmaal thuis begon de ellende pas.
De foto's leken wel op scenes uit de Hulk!
En zo zat ik uren achter de computer om de groene zweem uit gezichten te halen. Achtergronden rustiger maken. Licht corrigeren. Kleuren herstellen. Ik probeerde eigenlijk de fouten van vóór de eerste foto achteraf nog op te lossen.
En eerlijk gezegd lukte dat nooit helemaal. Tja, het is ook een beetje gek om achteraf iets te corrigeren wat je in beginsel al goed had moeten doen toch? Dat is net zoiets als je een taart te zoet hebt gemaakt en dat na het bakken probeert te fixen door er een lading zout overheen te strooien.
Maar goed, de klant was vaak tevreden, maar ik keek naar die foto's en schaamde me kapot! En ondertussen mijzelf maar voor de gek houden door tegen mijzelf te zeggen: "Als zij maar tevreden zijn, dan is het goed."
Het probleem zat niet in mijn camera
Het vervelende was dat juist die foto's weer nieuwe klanten aantrokken die precies hetzelfde wilden.
Zo bleef ik in een cirkeltje rondlopen dat ik zelf in stand hield.
Tot ik besloot dat het anders moest.
Niet omdat ik eigenwijs ben (wat ik overigens wel ben ;) ), maar omdat ik wist dat ik betere foto's kon maken als ik zelf de omstandigheden koos waarin ik het beste werk en vooral functioneer.
Per slot van rekening laat een bakker zich ook niet vertellen met welk meel hij zijn brood moet bakken. Waarom zou ik als fotograaf dan wel werken op een plek waarvan ik vooraf al weet dat dit 'm zeker niet gaat worden!
Ik stopte met zoeken naar mooie locaties
Vanaf dat moment veranderde mijn manier van werken.
- Ik bepaal nu de locatie.
- Ik kies het tijdstip.
- Ik zoek de plek waar het licht doet wat ik wil.
Niet omdat mijn klanten niets mogen inbrengen, zeker wel.. want soms zien zij juist dingen die ik niet zie, maar omdat zij mij boeken vanwege mijn manier van fotograferen.
En weet je wat er gebeurde?
Mijn klanten werden juist relaxter.
Ze hoefden niet meer na te denken over de perfecte locatie. Ze vertrouwden erop dat ik die keuze maakte.
En ik kwam thuis met veel minder foto's, hoefde veel minder na te bewerken en hield ineens weer tijd over voor mijn gezin in plaats van eindeloze en vooral stomme avonden achter de computer.
De grootste verandering? Ik leerde anders kijken
Het grootste verschil zat eigenlijk niet in mijn camera, lens of instellingen.
Ook niet in Photoshop.
En zelfs niet in de locatie.
Nee, ik leerde anders kijken.
Vroeger zocht ik naar mooie plekken.
Nu zoek ik naar mooi licht.
Dat klinkt misschien als een klein verschil, maar het veranderde alles.
Daardoor maakt het tegenwoordig veel minder uit waar ik fotografeer. Natuurlijk zijn er locaties die mooier zijn dan andere, maar licht is bijna altijd belangrijker dan de plek zelf.
Een parkeerplaats kan supermooi zijn als het licht klopt.
En een prachtig park kan enorm tegenvallen als het licht niet meewerkt.
Leren kijken verandert alles
Dat is misschien wel de grootste les die ik in al die jaren heb geleerd.
Goede fotografie begint niet bij een mooie locatie.
Goede fotografie begint met leren zien.
Zodra je begrijpt hoe licht werkt, ga je mogelijkheden ontdekken op plekken waar je vroeger straal voorbij liep.
Je leert betere keuzes maken in standpunt, achtergrond en lens.
Je fotografeert met meer rust.
Je hebt minder nabewerking nodig.
En misschien nog wel het belangrijkste: je krijgt weer vertrouwen in jezelf.
Wil jij ook leren om licht te lezen?
Op 8 september 2026 geef ik een live online masterclass/webinar waarin ik precies laat zien hoe ik een locatie beoordeel, hoe ik onder verschillende omstandigheden toch mooi natuurlijk licht vind en waarom de juiste keuze vóór het maken van de eerste foto vaak belangrijker is dan alles wat je later nog in Lightroom of Photoshop probeert te herstellen.
Het gaat niet om dure apparatuur.
Het gaat niet om geheime instellingen.
Het gaat om leren kijken.
En dat is een vaardigheid waar je de rest van je fotografieleven plezier van hebt.
👉🏻 Bekijk hier de Masterclass 👈🏻
Een locatie die eigenlijk helemaal niks voorstelt.
| Alles draait altijd om het licht! |
De beste lens voor dromerige portretfotografie
vrijdag 31 maart 2023
![]() |
| Canon EF 85mm F/1.2 |
"Wat is een goede lens voor dromerige portretten?" Dat is een vraag die vaak gesteld wordt voorafgaand aan een workshop. Laat ik voorop stellen dat de beste lens (en camera) die er bestaat, de lens (en camera) is die je nu hebt! Want daar moet je het mee doen. En als je beide goed kent, dan zijn de mogelijkheden eindeloos. Want dan weet je ook precies wat je moet doen om het uiterste uit die lens te halen. Maar goed, dat was de vraag niet..
De eigenlijke vraag is: "Welke lens geeft de meeste achtergrondvervaging". Nu is dat afhankelijk van meerdere factoren maar om bij lensvraag te blijven, daar kan ik een kort antwoord op geven: dat is een lens met een groot diafragma. En dat zijn vrijwel altijd prime-lenzen. Oftewel een lens met een “walking zoom”. Dus waarmee je in- en uitzoomt met je voeten. Want met een prime kun je niet zoomen. Een prime lens is ook altijd lichtsterker dan een zoomlens. Dus deze heeft altijd een groter diafragma dan een zoomlens.
Het brandpuntafstand oftewel de lengte in millimeters van de lens bepaalt hoe vaag de achtergrond wordt vanaf een bepaalde afstand. Een langere lens haalt de achtergrond naar voren. Een kortere lens duwt deze naar achteren waardoor het lijkt alsof er heel veel ruimte is. Denk maar aan een groothoeklens die op je telefoon zit.
Eigenlijk kun je het zo zien: ons menselijk oog komt ongeveer overeen met een brandpuntafstand van 50-70mm. Alles wat korter dan 50mm duwt de achtergrond naar achteren (meer scherpte op de achtergrond) en alles wat langer is dan 70mm haalt deze dichterbij (vagere achtergrond). Hoe onscherp je achtergrond wordt hangt af van hoe dichtbij jij bij je onderwerp staat. Om een vage achtergrond met een 50mm te krijgen, zal je dus dicht op je onderwerp moeten gaan staan terwijl je diafragma open staat. Bijvoorbeeld bij een close-up portret. Bij een lens van bijvoorbeeld 85mm 1.8 kun je wat meer afstand nemen om dezelfde vage achtergrond te behouden. Bij 135 nog meer en bij 200mm kun je iemand (of een groep) helemaal scherp op de foto krijgen terwijl de achtergrond helemaal vaag is.
Ik houd van foto’s met een hele vage achtergrond waarop iemand gedeeltelijk- of helemaal te zien is. En dat betekent gezien het bovenstaande, dat ik lange primelenzen gebruik met een groot diafragma. Mijn favoriete lens is de 85mm F/1.2. Deze heb ik al jaren. En dat blijft nog steeds de lens die ik het liefste gebruik. Deze lens heeft iets magisch. Door zijn grote diafragma, die ik uitsluitend op F/1.2 gebruik, wordt de achtergrond echt heel bijzonder en dromerig terwijl mijn onderwerp haarscherp blijft! Daarnaast zit er een “foutje” in deze lens. Want hij geeft behoorlijk wat lens flare. Maar laat ik daar nu juist van houden. Daarnaast is mijn tweede favoriet de 135mm F/2.0. Deze heeft eigenlijk precies hetzelfde als de 85mm. Alleen kan ik met deze lens wat verderweg van mijn modellen staan en toch hetzelfde effect bereiken als met de 85mm. Ondanks dat het F/2.0 is. Dit komt dus door het brandpuntafstand van 135mm. Dus dat betekent dat het brandpuntafstand van een lens belangrijker is voor een vage achtergrond dan het diafragma. De keuze voor de één of andere lens hangt af van het plaatje wat ik in mijn hoofd heb en ook van de locatie. Want met een 135mm zal ik meer ruimte moeten hebben om naar achteren te kunnen lopen vanwege het brandpuntafstand. Binnenshuis wordt deze lens bijvoorbeeld voor mij onbruikbaar.
Kort gezegd: Een 50mm F/1.8 geeft een veel scherpere achtergrond dan een 200mm op F/4 als je met beide lenzen op dezelfde afstand van je onderwerp staat.
![]() |
| Canon EF 85mm F/1.2 |
Maar welk merk kies je nu? Nou, eerlijk gezegd zijn er tegenwoordig geen slechte lenzen meer. Of je nu voor Canon, Sigma, Sony, Nikon, Samyang of wat dan ook gaat, allemaal zijn ze wel goed. Sommige zijn zelfs té goed. Want tegenwoordig zijn deze zo belachelijk scherp dat je elke rimpel ziet. En daar wordt niemand blij van.. Tenminste.. ik niet. Wat belangrijker is, is dat de lens qua gevoel bij je moet passen. Eigenlijk is het net zoals met auto’s. Je hebt een Tesla of een BMW. Beide topauto’s met dezelfde snufjes en overbodige toeters en bellen. Uiteindelijk brengen ze je allebei van A naar B. Het verschil zit 'm in welke auto jij prettiger vind rijden. En waar jij je meer comfortabel in voelt terwijl je veel lange reizen maakt. Zo is dat ook met lenzen (en camera’s). Het moet goed in je hand liggen. Bij je passen en je ook zin geven om veel foto’s mee te maken. Wat heb je aan een dure lens die supergoed is maar je bijna niet gebruikt omdat ie te zwaar of te log is? Dus advies geven over welke lens de juiste is, dat kan ik maar tot bepaalde hoogte. Veel hangt van jou gevoel, stijl en “feel” af.
Mijn advies is dan ook altijd om eerst een lens te huren om te kijken of ie prettig in je hand ligt en je uitdaagt om te fotograferen. Want dan kun je pas een goede keuze maken. Dat geldt overigens ook voor het aanschaffen van een camera.
Tijdens mijn workshops en de opleiding fotografie komt de “ultieme lens vraag” ook vaak voorbij. En aangezien ik wel wat lenzen heb, mogen ze deze altijd gebruiken en uitproberen of het wat voor ze is. Op basis daarvan kun je dan achteraf veel beter een keuze maken. Want je kunt beter 1x je geld goed uitgeven dan 2x halfbakken, toch? Heb je een keus gemaakt, dan is het vooral belangrijk om goed de tijd te nemen o de lens te leren kennen. En dat leer je alleen door er veel, heel veel mee te fotograferen. Als je elke dag in een andere auto rijdt, dan wen je ook nooit aan een bepaalde auto. En kom je er ook nooit achter wat voor een bijzonders die auto misschien wel kan. Zo is dat dus ook met een lens. Oefenen, oefenen, oefenen. Ik heb zelfs met mijn favoriete lens, de 85mm, ooit een hele bruiloft gefotografeerd! Echt, ik kan ondertussen lezen en schrijven met mijn favoriet. En dat is geen talent hoor. Dat komt gewoon doordat ik er heel veel mee gefotografeerd heb en niet- of nauwelijks wissel van lenzen. Ik kan toch maar met 1 lens tegelijk fotograferen.
Conclusie
Terugkomend op de vraag welk lens nu het beste is voor dromerige portretten? Elke lens met een groot diafragma zolang je maar dichtbij genoeg staat en weet wat het licht doet. Maar een prime lens (met groot diafragma) vanaf 85mm is toch echt wel iets wat ik zou adviseren. Zelfs de 100mm of 105mm macro is altijd een betere keuze dan bijvoorbeeld een 24-70mm F/2.8. Juist deze Macrolens is perfect voor portretten vanwege de 100mm. De enige zoomlens die in aanmerking komt voor dromerige portretten vanaf een grote afstand is een 70-200mm F/2.8 of zelfs de F/4.0. Dan wel helemaal ingezoomd op 200mm. Maar uiteindelijk is de keus aan jou.
Mocht je de juiste lens hebben en willen weten hoe je nu die dromerige portretten maakt of hoe je het natuurlijke licht gebruikt? Dan ben je uiteraard van harte welkom om mee te doen tijdens een van mijn workshops zoals bijvoorbeeld "De magie van het licht!" En heb je een Canon camera? Dan mag je altijd een of meerdere van mijn lenzen gebruiken tijdens een workshop om te kijken of dit wat voor je is.
![]() |
| Canon EF 85mm F/1.2 |
![]() |
| Sigma 135mm Art F/1.8 |
![]() |
| Sigma 135mm Art F/1.8 |
5 tips voor fine art portretfoto's met natuurlijk licht
zondag 5 maart 2023
![]() |
| Canon R5 + RF 70-200mm F/2.8 |
“Hoe maak je die dromerige portretfoto’s met een wazige achtergrond?” is een vraag die ik vraag te horen krijg. Nou, eigenlijk is dat helemaal niet zo moeilijk als je zou denken. Wat vooral belangrijk is, is dat je jezelf niet laat belemmeren door wat "hoort." Natuurlijk is het wel handig als je weet hoe je camera werkt en wat de "basisregels" zijn. Maar regels zijn er ook om van af te wijken. En juist dan kan er iets verrassends ontstaan. Daarom geef ik je graag 5 simpele tips die je meteen kunt toepassen tijdens je volgende shoot. En zo leg jij straks ook de “magie” vast in je foto’s.
Oh ja, vergeet na het lezen van de 5 tips vooral niet om door te scrollen. Want daar heb ik misschien nog wel een hele leuke tip voor je ;)
“Let’s create some magic”
Tip 1: Zoek een goede locatie
Kies voor een locatie die je doet wegdromen en die past bij het plaatje in je hoofd dat je wilt vastleggen. Je hoeft echt niet op zoek te gaan naar een verlaten kasteel of een afgelegen magisch bos (tenzij je toevallig één van deze locatie bij de hand hebt), maar ga op zoek naar plekjes met zachte texturen zoals een bospad, park, een bloemenveld of het strand of water.
![]() |
| Canon EOS R5 + RF 70-200mm F/2.8 |
Tip 2: Wacht op het juiste moment
Timing is alles als het gaat om dromerige portretfoto's. Het mooiste moment om te fotograferen is tijdens het gouden uur (een uur na zonsopgang of voor zonsondergang). Hiermee krijg je dat warme en zachte licht met lange schaduwen die je foto's diepte en dimensie geven.
Tip 3: Gebruik de juiste instellingen
Een perfecte dromerige foto krijg je o.a. door het gebruiken van de juiste camerainstellingen. Zorg dat je een groot diafragma gebruikt (laag f-getal) om die wazige, onscherpe achtergrond te creëren die het onderwerp van je foto af laat spatten, Verhoog ook de sluitertijd om je onderwerp scherp te krijgen. Met een te lange sluitertijd kun je namelijk bewegingsonscherpte krijgen.
Tip 4: Laat je creativiteit de vrije loop
Eén van mijn favoriete Quotes is van Picasso: “Learn the rules like a professional so you can break them like an artist!” En dat is wat het verschil maakt tussen een kiekje en een kustwerk. Dromerige fine art foto's vragen erom dat je buiten de lijntjes kleurt en creatief wordt met o.a. je compositie. Verander van hoek, speel met de belichting, breng het onderwerp dichtbij en laat de achtergrond in de waas verdwijnen. Het is jouw creativiteit en idee wat je vast gaat leggen. Dus niets is onmogelijk. Door te spelen met verschillende technieken maak je jouw eigen droomwereld.
![]() |
| Canon Eos R5 + EF 135mm F/2.0 |
Tip 5: Let op de kleine details
Last but not least, let op de kleine details die jouw foto helemaal af maakt. Denk aan accessoires zoals een bloemenkrans, leuke hoed of sjaal om extra textuur toe te voegen. Of laat de wind door het haar van het model waaien om de foto nog dromeriger te maken. Kleine details maken het verschil tussen een goede en fantastische foto.
Conclusie
Het maken van dromerige foto’s is leuk en uitdagend. Verzeker jezelf van een perfecte locatie, wacht op het juiste moment, gebruik de juiste instellingen, laat je creativiteit de vrije loop en vergeet niet om op de kleine details te letten.
Nog een leuke tip!
Natuurlijk hoop ik dat je wat met deze tips kunt. Maar als je bent geïnspireerd en nog veel meer wilt weten over Dromerige Fine Art fotografie dan heb ik iets leuks voor je:
Op 12 mei start namelijk een nieuwe ronde van de 8 weekse online cursus die helemaal draait om dromerige fine art fotografie in de buitenlucht. In deze cursus leer je niet alleen de fotografietechnieken die je nodig hebt, maar we gaan ook uitgebreid aan de slag met Photoshop en Lightroom om je foto's nog mooier te maken. Elke week hebben we een interactieve zoomsessie waarin we samen aan de slag gaan met de opdrachten en al je vragen beantwoorden. En als bonus krijg je een gratis Ebook en toegang tot heel veel extra lesmateriaal, modules, video’s, tutorials en pdf’s.
Meer informatie over deze supergave, creatieve en uitdagende workshop kun je vinden via de onderstaande link:
CURSUS DROMERIGE FINE ART FOTOGRAFIE
![]() |
| Canon EOS R5 + EF 135mm F/2.0 |
Hoe voorkom je groene kleurzweem in je foto’s?
maandag 6 juni 2022
Als je veel buiten fotografeert, herken je dit vast wel: kleurzweem. Zo'n irritante verkleuring op de huid van je model, puur door de omgeving waar je op dat moment staat.
Draagt iemand een knalrood shirt? Dan zie je meteen een rode gloed onder de kin. En zet je iemand in het gras of onder een boom, dan zit je ineens naar een supergroen gezicht te kijken.
Nu kun je natuurlijk uren in Lightroom of Photoshop gaan zitten priegelen om die gloed weg te halen. Maar je kunt het beter voorkomen terwijl je aan het fotograferen bent. Dat scheelt je weer een hoop tijd achter je computer. En die tijd kun je beter besteden aan andere leuke dingen.
Om dit ter plekke op te lossen, duiken we heel even de natuur in. Want als je precies snapt waarom het licht iets doet en hoe het werkt, zie je het buiten direct én kun je het meteen aanpassen.
![]() |
| Je kunt ook kiezen voor lichte kleding of accessoires om kleurzweem op te heffen. |
Wat is groen eigenlijk?
Om te begrijpen hoe die gloed ontstaat, helpt het om te weten wat groen licht doet. Het is eigenlijk heel simpel: planten gebruiken het rode deel uit het zonlicht om te groeien. Het groene licht hebben ze niet nodig, dus dat kaatsen ze simpelweg terug. En dat is exact het licht dat op jouw model valt.
Met wit en zwart werkt dat in de natuur net zo:
Zwart absorbeert alles: Hoe meer licht een onderwerp opneemt, hoe donkerder het wordt. Een diepe schaduw absorbeert het licht, waardoor er niets meer terugkaatst.
Wit reflecteert alles: Wit kaatst juist alle kleuren terug. Daarom is direct zonlicht op een wit vlak zo ontzettend fel.
In de natuur bestaat 100% wit of zwart trouwens niet eens. Een "witte" bloem is in het echt vaak heel zacht geel of crème, en het donkerste "zwart" in het bos is meestal diepbruin.
Zie je op je LCD clipping in de hooglichten of dichtgelopen zwarten? Dan is al het detail daar weg omdat het licht simpelweg te extreem werd.
Kijk eens naar het blad
Als je in het bos loopt, zie je dat niet elk groen hetzelfde is. Kijk maar eens goed naar de bladeren om je heen:
Dun en jong blad: Is heel licht en felgroen (soms bijna geel). Het licht schijnt er heel makkelijk doorheen, waardoor het als een groen filter werkt.
Dik en donker blad: Absorbeert het licht juist. Omdat het blad het licht opneemt, kaatst er amper groene gloed terug.
Zet je iemand naast een hulst met van die dikke, donkere bladeren? Dan heb je eigenlijk nergens last van.
Zet je iemand in het voorjaar onder een eikenboom? Dan krijg je wel die felle kleurzweem. Dat blad is dan nog piepjong en flinterdun. Pas later in het jaar wordt het eikenblad dikker en stugger, en neemt die groene gloed vanzelf af.
![]() |
| Magente (of zacht rose) is een tegengestelde kleur van groen. Door dit slim te gebruiken kun je vooraf groenzweem verminderen. |
Invloed van licht
De hoeveelheid kleurzweem heeft alles te maken met hoe het licht op dat moment valt.
Schijnt de zon heel hard op het blad? Dan wordt het licht zo fel dat de groene kleur er als het ware uit 'bijt'. Het reflecteert dan eerder wit dan groen.
Maar fotografeer je met tegenlicht? Dan schijnt de zon dóór het jonge blad heen. Dat bladerdek werkt dan precies als een groot groen filter. En precies dat groene licht valt op het gezicht van je model.
Het is eigenlijk heel simpel:
Neem afstand van het groen: Zet je model niet strak onder een boom of plat in het gras.
Zoek hoge bomen: Hoe hoger de takken, hoe minder groene gloed er op je model valt.
Kies donker blad: Een boom met dik, donker blad absorbeert het licht simpelweg beter.
Zie je dit nu gebeuren als je buiten staat? Dan is het een kwestie van een je model paar stappen richting het licht laten zetten, en je hebt het opgelost.
Tot slot
Het is een heel verhaal geworden. Maar ik hoop dat je hier wat mee kunt.
Nog kleine tip voor vandaag:
Maak binnenkort een mooie (bos)wandeling en laat je camera dan bewust eens thuis. Kijk alleen maar naar hoe het licht valt en wat het doet met de omgeving. Want van écht kijken leer je tenslotte het allermeest.
Wil je hier liever samen mee aan de slag en natuurlijk licht écht goed leren zien en gebruiken? In mijn (online) cursussen en workshops kan ik je dit direct laten zien.
Mijn complete aanbod vind je op williekers.com
Een bedankje voor het lezen
Omdat je de tijd hebt genomen om mijn blog te lezen, geef ik je nog graag iets extra's. Je krijgt 10% korting op al mijn cursussen en workshops met de code GROENLICHT.
Je kunt de code eenvoudig invoeren bij het afrekenen.
Geniet van een mooie dag! ❤️
















